De Agterpoortse molen te Haastrecht

Dit schilderij hangt in de 'Burgemeesterskamer' van het raadhuis te HaastrechtDeze molen stond in polder Agterpoort, gelegen tussen de Vlist, de Bilwijkerweg, de Bergvliet en het dorp Haastrecht. De polder had een oppervlakte van slechts 45 hectare.
Er werd uitgewaterd op de Vlist.
De molen komt in oude stukken voor onder verschillende namen. Zo is soms sprake van de Agterpoortse (of Achterpoortse) molen en dan weer van het poortsche molentje.
Die verkleinnaam is te verklaren uit de omvang van de molen: de vlucht (de totale lengte van een roede, dus de diameter van de door het wiekenkruis beschreven cirkel) van de molen zoals hij er stond aan het begin van de twintigste eeuw, was slechts 17.99 meter. In vergelijking met wipwatermolens als de Bonrepasmolen (25.90 meter) en de Bachtenaar (26.90 meter) dus klein.

De Agterpoortse molen op een schilderij in de 'Burgemeesterskamer' van het
raadhuis te Haastrecht. Geschilderd door Johannes Rost (1816 - 1866)

Het onverharde pad, richting tussen Vlist en Haastrecht. Op deze foto is rechts de RK kerk te zien.Uit een document, gedateerd 7 oktober 1476, waarin Karel van Bourgondië toestemming gaf tot het verplaatsen van een sluis, blijkt dat al in dat jaar de polder de Agterpoort werd bemalen door een windmolen. Ook uit een stuk van 3 april 1488 valt op te maken dat er een molen was in polder Den Agterpoort. Catharina van Groningen geeft in haar onvolprezen boek over de Krimpenerwaard aan dat de eerste molen in polder de Agterpoort gebouwd werd omstreeks 1450. Dit stemt overeen met de beschrijving van Den Uyl in zijn boek over de Lopikerwaard uit 1963..

Het onverharde pad, tussen Vlist en Haastrecht. Op deze foto is rechts de RK kerk te zien. Geheel rechts staat nog boerderij De Hofkamp.

Ansichtkaart. Collectie Ad VerhoeffIn het Oud Archief Haastrecht trof ik een resolutie aan, gedateerd 3 juni 1692. Het betreft hier een buurspraak, gehouden 'op 't Raethuys van Haastregt', in aanwezigheid van de Schout en gezworenen. Ik citeer: "Eenige tijt is in consideratie genomen, dat de agterpoortsche moolen seer slegt is en tijt en wijle tenemael komt te vallen en bij ongeluk eeniger tijt seer ligt in staet van kunnen te geraken om geen dienst meer te doen". Men concludeert dat het 'heel noodsaekelyk is extraordinaire reparaties te doen of een geheele nieuwe moole te laten setten'. Besloten wordt tot het laatste en Jan Gerritz Luijt mag de molen gaan bouwen. In de stukken wordt over een aanneemsom niet gerept.

In de archieven duikt de Agterpoortse molen dan pas weer op in 1826. In dat jaar sluit de 'brand-waarborgmaatschappij, enkel voor polder-watermolens' een verzekering voor de molen, waarbij het verzekerd bedrag wordt vastgesteld op f.3.600,-.

Tot het jaar 1874 zijn verder geen gegevens over de Agterpoortse molen bekend. Vast staat wel dat in 1874 een windwatermolen in de gelijknamige polder afbrandde. Of dit de molen was die in daar 1692 nieuw werd gebouwd, is niet zeker.

Na de brand in 1874, werd de te herbouwen molen direct aanbesteed. In het Streekarchief Krimpenerwaard te Schoonhoven is nog een raambiljet van deze aanbesteding aanwezig. De bouw van een nieuwe Agterpoortse molen werd uiteindelijk voor f. 5.300,- gegund aan Pieter van der Leeden, molenmaker en timmerman, wonende te Bergambacht.
Hij werd bij de bouw bijgestaan door de bouwlieden Bastiaan Verhek, wonende te Ammerstol en Adrianus Cornelis Both, wonende te Stolwijk.
Ook het handgeschreven bestek van de bouwopdracht wordt bewaard in het Streekarchief Krimpenerwaard.
De nieuwe -en naar later zal blijken, de laatste- Agterpoortse molen had een vlucht van 17.99 meter, en een scheprad met een middellijn van 3.92 mtr. De breedte van het scheprad was 34 cm.
De nieuwe molen werd tegen brand verzekerd voor een bedrag van f.4.700,-. In de polis wordt de molen omschreven als zijnde met 'een vlucht van 17 meters'.

De molen is afgebroken in 1917 en vervangen door een elektrisch gemaaltje van 3 pk. Dit voldeed echter niet. De bemaling van de polder Agterpoort werd vervolgens overgenomen door molen Vlist-Westzijde. Daartoe werd onder de Bilwijkerweg een duiker gelegd met een doorsnee van 50 cm.

De geschiedenis van de Polder Achterpoort eindigt op 1 januari 1956, als de polder wordt opgeheven en gevoegd bij de polder Vlist-Westzijde.

Boerderij Agterpoort aan de huidige Bredeweg te HaastrechtBoerderij De Agterpoort aan de huidige Bredeweg te Haastrecht


Bronnen:
A. Bicker Caarten Middeleeuwse watermolens in Hollands polderland (1990)
C. van Groningen De Krimpenerwaard (1996)
Oud Archief Haastrecht
Jhr. J.F. Teixeira de Mattos
Waterschappen en polders van Zuid Holland, Deel III, afd. I, De Krimpenerwaard (1927)
W.F.J. Den Uyl De Lopikerwaard, Deel II, de waterschappen (1963)