Eendenkooien in de Krimpenerwaard
 
Algemeen

De eendenkooi is een stuk land en water, ingericht om wilde eenden te vangen. Het is voorzien van een stelsel van bochtige en nauwe sloten (pijpen), door een haag of heining omgeven, waarin een aantal roep- of kwaakeenden als lokvogel dient. Het kooibedrijf is opgenomen in de Flora- en faunawet en moet voldoen aan wettelijk vastgestelde bepalingen voor het vangen van in het wild levende eend-achtigen.

De eendenkooi als zodanig is in de 13e of 14e eeuw in Holland uitgevonden. De kooi bestaat uit een plas, waarop één of meer sloten (vangarmen of pijpen) uitkomen. Aan het eind van de pijp bevindt zich een fuik.

De plas is omgeven door struiken en bomen, die intussen vaak zijn uitgegroeid tot een kooibos. Rond de kooi ligt een stiltegebied.

Wat gebeurt er in een eendenkooi?

Op de kooiplas zwemt een aantal tamme eenden dat door de kooiker dagelijks in de vangpijp bijgevoerd wordt. Zij gaan in het voorjaar naar de sloten in de omgeving en komen in de zomer met hun aanwas weer terug op de kooiplas. Op deze wijze heeft een goede kooi een flinke hoeveelheid makke eenden die niet schuw zijn. Deze weten dat wanneer zij het kooikerhondje bij de vangpijp zien verschijnen er voer in de vangpijp wordt gestrooid en zwemmen dan ook massaal de vangpijp in. Deze eenden worden niet gevangen. Dat zou overigens ook niet kunnen want ze zijn immers niet schuw en zwemmen daarom niet naar het einde van de pijp bij het zien van de kooiker maar blijven rustig dobberen en als het voer op is zwemmen ze weer rustig terug naar de plas.

De kooi is een dagverblijf voor de eenden; 's avonds trekken ze massaal naar de grote rivieren waar de echte wilde eenden zijn. Als de tamme eenden 's morgens weer teruggaan naar de eendenkooi, trekken een aantal wilde eenden met hen mee en zo kan het aantal eenden op de kooi na verloop van tijd flink oplopen.

Dan is het moment gekomen dat de kooiker met zijn hond in actie komt. Rond de plas en langs de vangpijpen zijn rietschermen geplaatst, waardoor men langs de vangpijp kan lopen zonder dat de eenden vanaf de plas er iets van kunnen zien. De kooiker stuurt zijn hond (enkel met gebaren) via een bepaald parcours via openingen in de rietschermen zodanig dat de eenden op de plas hem zien. De tamme eenden weten dat ze gevoerd worden en zwemmen terstond richting vangpijp. De schuwe wilde eenden zijn voorzichtig maar erg nieuwsgierig naar dat hondje. Een aantal van deze wilde eenden kan de verleiding niet weerstaan en volgt de tamme eenden de vangpijp in. Het hondje laat zich verder in de vangpijp nogmaals zien en als er voldoende eenden ver genoeg in de vangpijp zijn, dan verschijnt plotseling de kooiker achter de eenden. De schuwe eenden bedenken zich geen moment en vliegen meteen op naar het einde van de pijp en belanden in de val. De kooiker weet vervolgens wel raad met de gevangen eenden. Poeliers in de wijde omgeving behoren tot zijn klanten...

De uitdrukkingen 'de pijp uit gaan' en 'achter de schermen' vinden hun oorsprong in de eendenkooi!

Men maakt onderscheid tussen zomerkooien (hier wordt vóór 1 november gevangen) en winterkooien (waar de vangst ná 1 november plaats vindt).

In het verleden besteedde de kooiker vaak slechts een deel van zijn tijd aan de kooi: daarnaast had hij andere bezigheden, doorgaans als boer.

Het kooibedrijf werd veel minder populair, toen de stoomgemalen hun intrede deden, als gevolg waarvan het waterniveau in de polders veel beter beheerst kon worden. Het waterpeil daalde, waardoor gebieden in het midden van de Krimpenerwaard te droog werden voor de eenden.

Vroeger dienden de gevangen eenden uitsluitend als consumptie. Tegenwoordig zijn er ook kooien die slechts worden gebruikt voor wetenschappelijke doeleinden.

Eendenkooien in de Krimpenerwaard

In de Krimpenerwaard bestaan nog vier eendenkooien: Bakkerswaal bij Lekkerkerk (1), de Stolwijkse kooi bij Haastrecht (2), Kooilust bij Berkenwoude (3) en Nooitgedacht (of de kooi van Verstoep) (4), eveneens bij Berkenwoude.

Bakkerswaal Schuwacht 232, 2941 EK Lekkerkerk.
De wiel of waal, waarnaar deze kooi is genoemd, is waarschijnlijk ontstaan bij de St. Elizabethsvloed van 1421. De Lekdijk rustte hier op een slappe ondergrond die werd weggedrukt door de rivier, als gevolg waarvan de dijk wegzonk. Omdat de dijk pas in 1430 werd hersteld, kon het wiel steeds groter worden. De wielkooi in de Bakkerswaal heeft vijf pijpen. Het is een winterkooi.
Meer informatie en aanmeldingen via kooiker Hans Zantinge 0180-661831 (19.00-21.00u)


De Stolwijkse of Stolkse kooi
Gelegen tussen de Schenkelkade en de Bilwijkerweg, tussen Haastrecht en Stolwijk.
Vroeger werd deze kooi ook wel de Vlisterkooi, Bilwijkerkooi en Van der Marckkooi genoemd. Die laatste naam komt van J.W.D.C. Marck uit Enschede, die in 1911 eigenaar werd van deze eendenkooi.
Dit is een kleine zomerkooi met vier vangpijpen.


Kooilust

Dit is een driepijps zomerkooi.

Nooitgedacht

Ook wel genoemd de kooi van Verstoep.
Een vijfpijps winterkooi.

Met hartelijk dank aan Hans van Aanholt en Duncan Collins.


Er bestaat een interessante videofilm over eendenkooien. (Prijs ca. 33 Euro)
Deze 50 minuten durende prachtige natuurfilm is te bestellen bij:
Fotostudio Evert Boeve
Bergsepad 6
1244 PS Ankeveen
Telefoon: 0294 - 25 13 19
Bij de Eendenkooi Stichting kan worden besteld het boekje "Het geheim van de eendenkooi".

Maak hiervoor 14 Euro over naar gironummer
807 95 35 tnv Eendenkooi Stichting,
onder vermelding van "Boekje het Geheim".

Klik HIER voor meer algemene informatie over eendenkooien.


Flora- en faunawet van 1998

Afdeling 6. Eendenkooien

Artikel 56

1.Eendenkooien die voldoen aan bij algemene maatregel van bestuur te stellen regels en die op 1 april 1984 waren geregistreerd, worden op verzoek van de eigenaar elke vijf jaar opnieuw geregistreerd.
2.De in het eerste lid bedoelde registratie, waarvan een bewijs wordt verstrekt, geldt voor vijf jaar, en wel van 1 april tot 1 april.

Artikel 57

Bij de registratie worden tevens geregistreerd de naam en het adres van de houder of houders van een kooikersakte, die volgens opgave van de eigenaar als kooikers zullen optreden.

Artikel 58

Gedurende het tijdvak waarin de jacht op eenden ingevolge het bepaalde krachtens artikel 46 is gesloten, is het verboden een geregistreerde eendenkooi vangklaar te houden.

Artikel 59

1.Onze Minister stelt het opschrift vast dat dient te worden aangebracht op de palen waarmee de eigenaar van een geregistreerde eendenkooi de ingevolge zijn recht op afpaling bestaande afpalingskring van die kooi kan afpalen.
2.Het is ieder ander dan de kooiker van een geregistreerde eendenkooi of degene die handelt met toestemming van die kooiker, verboden binnen de afpalingskring van die kooi handelingen te verrichten waardoor eenden binnen de afpalingskring kunnen worden verontrust.
3.Het verbod, bedoeld in het tweede lid, is niet van toepassing op handelingen verricht ter uitvoering van openbare werken noch op handelingen verricht bij het gebruik en onderhoud van hetgeen door die werken is tot stand gebracht, noch op handelingen verricht ter uitoefening van beroep of bedrijf, indien redelijkerwijs niet kan worden gevergd dat de handelingen niet of op andere wijze dan wel op een ander tijdstip kunnen worden verricht.
4.Degene die opdracht heeft gegeven tot uitvoering van de in het vorige lid bedoelde openbare werken, is verplicht de schade, welke uit de daartoe noodzakelijke handelingen voor het gebruik van de eendenkooi voortvloeit, aan de benadeelde te vergoeden.
5.Het verbod, gesteld in het tweede lid, geldt niet, voorzover op 1 april 1977 een recht op afpaling niet bestond.

  Lekkerkerk                Stolwijk                Berkenwoude