Al
sinds zijn geboorte in 1932 woont hij er: Arie Cornelis de Langen.
Ook zijn vader, Cornelis Teunis is er in het laatste jaar van de negentiende
eeuw geboren. Diens vader, Roelof, kwam ter wereld op een boerderij in
Bergambacht, werd weduwnaar en hertrouwde met de weduwe De Jong, die al
woonde aan de Westzijde 72, het toenmalige adres van wat nu West
Vlisterdijk 18 is. Arie trouwde in 1962, kocht de boerderij
in 1980 van zijn vader en verkocht haar in 2001 weer aan dochter Linda
en schoonzoon Hans.
Die wonen in het achterste gedeelte van de boerderij, samen met hun kinderen.
Zodoende is nu de vierde en vijfde achtereenvolgende generatie woonachtig
in de fraai onderhouden krukhuisboerderij langs de Vlist. Boven de voordeur
vinden we het bouwjaar van deze hoeve: 1660.
Niet zonder trots geeft het echtpaar De Langen een rondleiding op het agrarische bedrijf, waar ze nog altijd hand- en spandiensten verlenen aan dochter en schoonzoon. In de stal die Arie's vader in 1932 voor 1800 harde Nederlandse guldens liet bouwen, staan en liggen verscheidene koeien en kalveren, waaronder eentje die juist die dag het eerste levenslicht zag. Het diertje ligt comfortabel op een hoop stro en glanst van het vocht.
Een
gedenksteen toont prominent
dat de eerste steen van de nieuwe melkstal op 8 maart 1999 is gelegd door
Arie Cornelis en zijn kleindochter Judith.
De moderne melkstal verbaast me met zijn beweegbare vloer. Die stelt vader
en schoonzoon in staat om, ondanks hun aanmerkelijke verschil in lengte,
toch op een arbo-vriendelijke wijze de melkmachines aan de koeienuiers
te koppelen.
De koeien dragen allen een chip die aan de computergestuurde voerautomaat
aangeeft hoeveel keer per dag er één kilo voer kan worden
genuttigd. Koeien die meer melk geven hebben tenslotte ook meer voer nodig
dan minder productieve soortgenoten.
De romantiek van het boerenbedrijf is hier goeddeels verdwenen…
Toch lijkt de tijd hier in sommige aspecten stil te staan. Zo heeft men op dit stukje langs de Vlist met behulp van een antenne de mogelijkheid om niet minder dan drie Nederlandse televisienetten te ontvangen. De door de Rekam aangelegde kabel, waar vele andere Vlistenaren ruim 40 verschillende tv-zenders op kunnen ontvangen, loopt hier juist aan de overzijde van de Vlist. Pogingen van voormalig wethouder Nip om aan deze situatie iets te veranderen, bleven vruchteloos.
Het bedrijf heeft zich altijd bezig gehouden met veeteelt. Melkkoeien en schapen zijn er nog altijd en vroeger waren er ook vele varkens en kippen. Alleen gedurende een deel van de tweede wereldoorlog werd ook tarwe, koolzaad en zelfs tabak verbouwd. De tabaksbladeren werden gedroogd in schuren, waarvan men de deuren liet openstaan om de noodzakelijke tocht te genereren.
Ook werd er vroeger kaas gemaakt. Die ging op de kaasbrik naar de markt te Gouda, waar hij werd verkocht. Daarnaast maakte men karnemelk en boter.
Schone
stukjes gras rond de boerderij deden vroeger tevens dienst als bleekveldje:
de witte was werd op het gras uitgespreid om te bleken en te drogen. De
vele rondscharrelende kippen kregen het op die momenten nog al eens aan
de stok met de boerin…
In de gezellig ingerichte woning hangt een fraai schilderij van de boerderij.
Nadere inspectie leert dat het werk is gesigneerd met MBakker. Een
echte Marinus Bakker!
Op het schilderij is de boenstoep nog te zien en de hooiberg. De boenstoep
in de Vlist werd omstreeks 1950 weggehaald en in 1994 of daaromtrent moest
de hooiberg plaats maken voor een tuintje voor Linda en Hans.
Het kunstwerk toont dat de boenstoep was voorzien van drie treetjes. In
de tijd dat ie werd aangelegd, had het waterpeil in de Vlist nog niet de
stabiliteit van vandaag de dag: afhankelijk van de waterstand werd het
meest geschikte treetje gebruikt bij het spoelen van melkbussen en emmers.
Ook
in de woonkamer is een tegeltableau
te bewonderen, waarvan de ouderdom slechts kan worden geschat. De huidige
bewoners troffen het in 1994 bij een verbouwing aan achter de asbest panelen,
die in een grijs verleden tegen de wand waren bevestigd. De bovenkant van
het tableau bevindt zich ruim twee meter boven de vloer. Het bestaat uit
zestien tegels en stelt een landman voor, vergezeld van koe, boerenwoning,
molen en kerktoren. De ontdekking heeft niet geleid tot een premieverhoging
van de inbraakverzekering, want het onroerend kunstwerk is diefstalbestendig.
Ooit was er in de kamer ook een grote schouw met origineel blauwwit tegelwerk maar die is op enig moment door Arie's vader verkocht. Deze Cornelis Teunis is jarenlang lid geweest van de gemeenteraad van de gemeente Vlist, was wethouder en ook loco-burgemeester van het dorp.
In 1986 is de voorgevel gerestaureerd. In de voorgevel zitten schuiframen, die met behulp van contragewichten in de kozijnen, gemakkelijk open en dicht gaan. Het houtwerk om de monumentale voordeur werd vernieuwd en de stenen voorgevel werd wit gepleisterd. De deur zelf verkeert nog altijd in haar oorspronkelijke staat. In het cement werden reliëfs aangebracht en het stenen trapje naar de voordeur werd keurig van nieuw metselwerk voorzien. Dit trapje is trouwens kenmerkend voor veel oude boerderijen in de Krimpenerwaard en ook de Lopikerwaard. Hoger gelegen ingangen van de woningen waren bedoeld ter bescherming tegen hoog water in de polder. Als gevolg van de vele doorbraken van de dijken langs de Lek en de Hollandsche IJssel, stroomde het gebied regelmatig onder water. Beruchte watersnoden waren die van 1421, 1570 en 1726. De laatste grote dijkdoorbraak vond plaats in 1760. In 1916 stroomde het water wel op sommige plaatsen over de dijken, maar een dijkdoorbraak vond niet plaats.
Bij
de restauratiewerkzaamheden werd onder de houten vloer van de begane grond
een flinke laag schelpen aangetroffen. Deze zijn daar in een grijs verleden
neergelegd, om eventueel aanwezig vocht op te nemen. Het aardappelkeldertje
is al sinds mensenheugenis kurkdroog.
Een van de raadselen van de boerderij is de betekenis van de letters
CG en RD links en rechts boven de voordeur. In de familie gaat het verhaal
dat de letters zouden staan voor de eerste bewoner: CG de Ridder. Deze
verklaring wordt echter door geen enkel document gestaafd en bovendien
is de naam Ridder wat merkwaardig afgekort tot RD.
Een passant opperde ooit dat deze letters zouden staan voor Cogito Rerum
Demonstrandum, wat volgens deze persoon zou betekenen: hier is wat
te bewijzen is. Latinisten onder ons zullen cogito herkennen als het eerste
woord uit de gevleugelde waarheid Cogito ergo sum (ik denk, dus
ik besta) van de Franse filosoof René Descartes. Demonstrandum is
bekend van de uitdrukking Quod erat demonstrandum (wat bewezen moet
worden). Ook hier wordt een woord -cogito- wel op een heel merkwaardige
wijze afgekort en bovendien wordt in de gesuggereerde vertaling het woord
'cogito' (ik denk) in het geheel niet betrokken. Ook deze mogelijke oplossing
moet dus naar het land der fabelen worden verwezen. Mogelijk ligt de oplossing
beschreven in oude archieven. Hier ligt een schone taak te wachten...
De boerderij staat sinds 1992 in zijn geheel op de monumentenlijst.
In het dossier van de Rijksdienst voor Archeologie,
Cultuurlandschap en Monumenten (RACM) te Zeist staat het monument als
volgt beschreven:
Hoeve XVIIA? (zeventiende eeuw?, NJ). Gepleisterde voorgevel
met oude kozijnen, luiken en roedenverdeling in stijl XIXA. Deurpartij
met boven- en onderdeur, oud slot met slotplaat, bovenraam en in de boogzwikken
van de deur de letters C.G en R.D. Rechts een opkamer. De hoeve heeft een
strodak, gewijzigde zijgevels en een nieuw beklampte achtergevel.
De monumentenstatus moet ervoor zorgen dat ook komende generaties kunnen zien hoe een boerderij in de zeventiende eeuw werd gebouwd. En hoe die door de eeuwen heen vrijwel ongeschonden bewaard is gebleven.
© 2004 Nieko Jongerius