De boerderij West Vlisterdijk 9 te Vlist

Han is een telg van de in Vlist bekende familie Van Diemen. Zijn ouders hadden twaalf kinderen en Han is nummer negen. Vader Arie Van Diemen werd in 1904 geboren in wat nu is Kaasboerderij Van Diemen aan de Oost Vlisterdijk 17 en moeder Jo Nobel zag in 1910 het eerste levenslicht in dezelfde boerderij waar zoon Han nu woont.

Hoe oud deze boerderij precies is, weet niemand. In Han's familie gaat het verhaal dat de hoeve al omstreeks het jaar 1500 zou zijn verrezen, maar dat bouwjaar lijkt wel erg vroeg… Broer Jan van Diemen herinnert zich dat men ooit een steen tegenkwam, waarin het jaartal 1667 was gekrast. Zekerheid omtrent de ouderdom van de hoeve is echter niet te geven.

Vast staat in elk geval dat de boerderij al twee eeuwen lang familiebezit is. Voor zover bekend is de boerderij steeds in gebruik geweest ten behoeve van de rundveehouderij en de kaasmakerij. De boerderij is opmerkelijk breed. Op de deel is nog altijd een in de vloer uitgesleten cirkel te zien, waar vroeger het fjordenpaard zijn rondjes liep om de karnmolen. In een ander stuk op de deel konden met gemak twee rijen koeien staan, met de koppen naar elkaar toe en dan bleef er nog genoeg ruimte over voor opslag.
'Ruim bedeeld', noemt Han dat.

Toen hij in 1971 boer werd, of agrariër, zoals velen vandaag de dag plegen te zeggen) had Han aan het boeren (agrariën ?) zijn handen vol.
Tegenwoordig is hij part-time boer en combineert hij deze werkzaamheden met zijn bezigheden als beheerder van gemeenschapshuis De Grote Haven te Haastrecht.

Natuurlijk lopen er nog wat vleeskoeien en schapen op zijn land, maar het boerenbedrijf is voor Han niet langer een dagtaak.
Het land waar deze koeien en schapen grazen, zag er trouwens vroeger ingrijpend anders uit. Ooit liepen hier vele sloten en slootjes, die een praktisch gebruik van de grond in de weg stonden. Daarom zijn ze in de jaren zestig van de vorige eeuw -de trekker deed zijn intrede- gedempt. Gedempt met allerlei materialen, afkomstig van de vuilstortplaatsen van alle omliggende gemeenten.
Zo verdwenen Haastrechtse, Stolkse en Goudse bankstellen en fietsen, samen met puin en allerlei grof- en huisvuil onder een laagje zand.
De provincie Zuid Holland verleende vergunning en verlangde een borg, die werd terugbetaald als alles er na afloop weer keurig uitzag. Zand erover! Enkele decennia later kijken we met onze milieubewuste ogen wat verbaasd aan tegen deze destijds gangbare methode om enerzijds goedkoop van het afval af te komen en anderzijds de sloten goedkoop te dempen. Een win-win-situatie, zo dacht men toen…

Han vertelt dat een deel van het terrein vroeger -en met name gedurende de Tweede Wereldoorlog- in gebruik was als 'tabaksbogerd'. Hier werden tabaksplanten verbouwd, waarvan de bladeren na de oogst aan draden werden geregen en gedroogd in het turfschuurtje. Dat gebouwtje was aan twee zijden open, zodat de wind en tocht hun drogende werk konden doen. Van de bladeren werden later sigaren gemaakt door de 'sigarenboer' uit Haastrecht, Hannes de Lange. Han herinnert zich dat hij als jochie in de jaren vijftig op de zolder een voorraadje handgemaakte sigaren vond. Samen met een vriendje stiekem eentje opgestoken. Droog, volgens Han, heel droog. De kwaliteit van de sigaren zal beslist niet heel hoog zijn geweest, maar gezien de schaarste tijdens de oorlogsjaren, was er toch vraag naar.

Tijdens de oorlog werd een ander deel van het land ingeruimd om tarwe te verbouwen. Hoewel de grond er niet bijster geschikt voor was en er met de akkerbouw weinig ervaring was, dreef de honger er toch toe deze stap te zetten. Omdat toen ook brandstoffen schaars waren werd ook turf gestoken.

Een deel van het land achter de boerderij werd en wordt in beslag genomen door een boomgaard, waar nog ouderwetse hoogstamfruitbomen te vinden zijn. Han plukt hier de vruchten van de Wijnpeer, de Wilde Giezeman en de Jodepeer. Vroeger stonden hier ook de Zoetrenet, de Klaasjespeer, de Williamspeer en de Klapfariet. Soorten die bijna uitgestorven zijn.

Binnen in de boerderij is nog de oude waterpomp te bewonderen. Met deze pomp werd grondwater omhoog gepompt vanaf een diepte van ca. dertien meter. Zowel in de zomer als in de winter was het water een graad of vijf. In warme zomers werd het water onder meer gebruikt om de inhoud van de melkbussen af te koelen van 37 tot 28 graden, de juiste temperatuur voor het vervaardigen van de kaas.

Een ander opvallend onderdeel van het interieur is de open haard. De kachel zelf werd jaren geleden opgekocht bij een boelhuis in Vlist en is weliswaar oud, maar niet origineel uit deze boerderij afkomstig. Boven de gemetselde haard echter, bevindt zich een tegeltableau, dat mogelijk even oud is als de boerderij zelf. Het tableau toont een bijbels tafereel: de schepping, de zondeval en de verdrijving van Adam en Eva uit het paradijs. Rond 1980 werd het boenhok annex wringhuis, dat zich in een deplorabele staat bevond, gesloopt en in plaats daarvan verrees een aanbouw die, dankzij de bemiddeling van architect Leen van der Linden uit Gouda, de goedkeuring van Monumentenzorg kon wegdragen. De monumentenstatus moet garanderen dat ook komende generaties de boerderij kunnen blijven zien zoals hij nu is.

Met hartelijke dank aan Han en Jan van Diemen uit Vlist.

© Nieko Jongerius 2005